Waarom is er stof nodig voor een levende ziel?

Je staart naar een leeg canvas, een onbeschreven blad papier of een hoop ongeschaafd hout in de schuur. Je voelt het idee al in je hoofd, de vonk is er, maar er is nog niets tastbaars. Het is een vol wachten; de potentie is aanwezig, maar het heeft nog geen ‘lichaam’ gevonden in de wereld.

Waarom is er stof nodig voor een levende ziel?

Deze vraag raakt aan de noodzaak van de vorm. Waarom is alleen een gedachte of een gevoel niet genoeg? Waarom moet het onzichtbare zich altijd verbinden met de weerbarstige materie van alledag?

De vorming uit de aarde

In Genesis 2:5-25 wordt een landschap geschetst dat wacht op vervulling. Er is nog geen struik, geen kruid en geen regen. De aarde is onbewerkt. Dan stijgt er een damp op die de bodem bevochtigt, en uit dat natte stof vormt zich de mens. Het stof op zichzelf is levenloos; het zijn slechts de bouwstenen van de uiterlijke verschijningsvorm.

Pas wanneer de levensadem in de neusgaten wordt geblazen, wordt de mens een ‘levende ziel’. De adem is niet iets wat de mens bezit als een object, maar het is de bezieling die de materie tot leven wekt. Het is de samensmelting van de onzichtbare geest met de zichtbare klei.

De vertaling naar je dag

Dit proces van bezieling herken je in alles wat je met aandacht doet:

  • Het in elkaar zetten van een meubelstuk: de planken en schroeven zijn het ‘stof’. Pas als jouw volledige aandacht en vakmanschap erin vloeien, wordt het een object dat klopt.
  • Het koken van een maaltijd: de ingrediënten liggen los op het aanrecht. Jouw bezieling maakt van de dode materie een ervaring die voedt.
  • Een gesprek voeren: de woorden zijn de vorm, maar de intentie en de aanwezigheid erachter maken of het een levend contact is of een zielloze uitwisseling.

Zonder de materie blijft de geest zwevend en onzichtbaar. Zonder de bezieling blijft de materie zwaar en betekenisloos. De twee hebben elkaar nodig om werkelijkheid te worden in de ‘tuin’ van jouw leven.

Het innerlijke mechanisme

Vanbinnen vindt er een constante bevruchting plaats tussen je innerlijke staat en je uiterlijke expressie.

  • Identiteit: Je bent niet alleen de adem (het idee) en niet alleen het stof (je lichaam), maar de levende verbinding tussen beide.
  • Aandacht: Dit is de lijm die de adem in de materie houdt. Zodra je aandacht verslapt, wordt je werk weer ‘stof’—een zielloze handeling.
  • Rust: De ervaring van overvloed ontstaat wanneer de innerlijke stroom zich ongehinderd vertakt naar je dagelijkse handelingen.

Het “bewerken en bewaren” van de tuin is in feite het onderhouden van deze verbinding. Het is de zorg dat je uiterlijke handelen altijd gevoed blijft door die innerlijke ademtocht, zodat je dag niet uiteenvalt in losse, betekenisloze brokken materie.

Stille landing

In de oorspronkelijke staat is er geen strijd tussen de geest en het lichaam. De mens en zijn vrouw zijn naakt en schamen zich niet; er is geen oordeel dat een barrière opwerpt tussen het innerlijk en de buitenwereld. Alles rust in een onverdeeld bewustzijn waarin de vorm en de adem één zijn.

Waar in jouw dag voel je dat de ‘stof’ weer levend wordt door jouw aanwezigheid?

Tags

Plaats een reactie

In stilte en vertrouwen is je kracht.

Jesaja 30:15